Sprankeltje

22 04 2009

Ongelofelijk, vanmorgen gaf de weegschaal 68,9 kg aan.  Ik ben vorige week woensdag begonnen met 71,2 kg aan een proteinedieet.  Gepaard met de medicatie die ik ben beginnen slikken, voelt dat echt reuzegoed aan.  Zelfs toen ik gisteren met mijn winkelkarretje bewust de chips-rayon insukkelde, ben ik erin geslaagd om zonder chips weer uit de rayon te sukkelen.  Ook al leek het alsof ze speciaal voor mij net hadden aangevuld. :-)

Ik voel me beter.  Ik voel me zekerder.  Ik ben zelfbewuster.
En volgens mij is het ook aangenamer vertoeven in mijn gezelschap.
Morgen bel ik naar de kine voor een eerste afspraak om te leren “ademhalen”.  Ik vraag me af wat we die 18 beurten gaan doen?
Een kine lijkt me zo’n ‘droog persoon’, helemaal anders dan een psycholoog ofzo.
Moet ik haar vertellen wat er in me omgaat?  Want ik weet niet of ik dat zou kunnen.  Ik heb het eigenlijk nog nooit helemaal tegen iemand verteld.  Waar moet ik trouwens beginnen?  Zelfs D. kent maar de halve waarheid.

Hoe moet ik aan iemand uitleggen dat ik opeens een sociale handicap heb gekregen?  Dat ik me plotseling onzeker ben beginnen voelen in allerhande situaties?  Dat ik ineens buikkrampen kan krijgen, die dan ook resulteren in diaree, of winderigheid, of whatever?
Dat ik, als D. iets onverwacht plant, binnen de 10 minuten op het toilet zit.  Dat ik amper met iemand durf meerijden met de schrik van het weer te krijgen.
Ik heb ooit eens ergens gelezen dat ik ook “collega-freaks” heb die dezelfde angst hebben, maar dan met kotsen.  Bizar hé?

Maar soit, ik voel me beter.  Ik pieker nu wel af en toe over het feit dat ik die pilletjes niet mijn ganse leven door zal mogen nemen.  En dat er dus een moment zal komen, waarop ik het alleen zal moeten kunnen. Scary …
Het idee dat ik aan de antidepressiva hang, daar moet ik nog wel even aan wennen.  Want ik heb mezelf nooit gezien als basketcase of fruitcake

Misschien kan die kine daar verduidelijking in brengen.  Want is dat niet belangrijk?  Het hoe en het waarom?  Om later dezelfde situatie te voorkomen?





PDS – een vervolg

17 04 2009

Maandag, op een verjaardagsfeestje van een vriendin van me, kom ik in contact met een jonge huisarts.  Toevallig de huisarts van D., blijkbaar de schoonbroer van vriendin K.
Tussen pot en pint, valt het onderwerp “PDS” waarbij ik hem vertel wat ik zoal heb meegemaakt de afgelopen 5 jaar, en hoe mijn huisarts me telkens weer met een kluitje het riet in stuurt.  “Je moet ermee leren leven.”
De jonge arts nodigde me uit om gisterenavond met D. mee op visite te komen.  En raar maar waar, hij heeft al een volledige behandeling uitgekiend.  18 beurten kine, waarbij ik opnieuw zal leren ademen.  Een afspraak bij de neuroloog voor een aantal tests.  En een voorschrift voor “temesta” en “docsulpiri”.
Dat laatste wordt in hoge dosis gegeven aan mensen met schizofrenie en psychoses.  Ik krijg een lage dosis, en het zal me meteen van mijn angsten en paniekaanvallen afhelpen.  De temesta mag ik enkel innemen bij een “crisismoment”.  Dit alles tot ik bij de kine het ademen onder de knie heb, en dus de aanvallen kan opvangen.  Uiteindelijk blijkt het één of andere vorm van hyperventilatie.

Klinkt zwaar … en het moet eigenlijk allemaal nog wat bezinken.
Temesta is toch niet niks, dacht ik zo?
Ik heb mezelf nooit als een persoon gezien die angststoornissen en paniekaanvallen zou creëren.  Tot voor een paar jaar was ik een persoontje dat héél stevig in haar schoenen stond.  Dus begin ik op zoek te gaan naar mogelijke oorzaken van dit verval.  En ik kan zo wel een aantal dingen opnoemen die mijn leven beïnvloed hebben.

Het miskraam in 2004.  Ik was als (te) jong meisje zwanger van Platsmoel, en toen is het eigenlijk allemaal begonnen.
Ik zat op de tram naar mijn werk, en plots kreeg ik enorme buikkrampen.  Ik heb daar met angstzweet op die tram gestaan, en ben uiteindelijk aan een wildvreemde halte afgestapt.  Heb een collega gebeld, die me dan tegemoet is komen lopen, en éénmaal op het werk had ik echt enorme diarree.  Dat was de eerste keer dat het gebeurde.  Sindsdien ben ik beste vrienden met immodium, en weet ik zo ongeveer overal als eerste de toiletten te vinden.
Het miskraam was onafwendbaar.  De gyneacoloog had me nog “duphaston” gegeven om het vruchtje toch nog te houden, maar ik voelde dat we het kwijt waren.  Verwerkt heb ik het nooit gedaan, en ik kan me niet herinneren dat ik lang gerouwd heb.  Ik was nog jong, en ik denk dat ik nooit besefd heb wat er eigenlijk met me gebeurde.

Het is even weggegaan toen ik D. leerde kennen, maar een dik half jaar na het begin van onze relatie, doken de problemen weer op.

Veel vroeger nog, een aantal jaren daarvoor, had ik absoluut nog geen last van m’n buik, maar heb ik ook een traumatische ervaring meegemaakt.  Het was de eerste keer dat Platsmoel me mishandelde.  Uren heeft hij me opgesloten in zijn kamer.  De vriend, waar hij toen een appartement mee deelde, en zijn vriendin hebben nog geprobeerd om tussen te komen, maar zijn uiteindelijk met de moed der wanhoop vertrokken.  Uiteindelijk eindigden we op de oprit bij mijn ouders, waar hij tranen met tuiten huilde, woorden vol spijt, en ik die daar zat met een bloedende lip, armen vol krassen en blauwe plekken, …





Het waarom …

23 03 2009

Ik heb geen zin, noch inspiratie om veel te schrijven.

Het was een redelijk neutraal weekend, dat lichtjes overhelde naar de positieve kant.
Tot zondagavond.  Dan was het weer ‘prijs’.  Een Ruzie met de hoofdletter “R”.
Hoewel we vrijdag tijdens een etentje nog hadden gepraat over “ons”, en dat hij toen letterlijk zegde dat hij het bijzonder jammer zou vinden, als ik zou weggaan.
Gisteren brak de hel weer los.  Mijn gedrag enerveerde hem, en ik werkte op zijn systeem.  Daarom moest hij zonodig het huis verlaten, mijn sleutels meenemen, … roepen, schennen, vernederen, beledigen.  Hoewel ik tot op dit moment geen enkele oorzaak kan terugvinden in mijn gedrag.  Ik weet dat ik onhebbelijk kan zijn, maar gisterenavond was ik niet anders dan anders.
Vanmorgen vroeg opgestaan, na een nacht woelen, draaien en frustratie over zijn eeuwige gesnurk. 

Het komt erop neer dat we gepraat hebben, en dat hij ons uiteindelijk nog een kans wil geven.  Een kans op wat?  Als we zo blijven verder doen, staan we binnen enkele weken weer lijnrecht voor elkaar.  Gisterenavond deed hij mijn bloed koken.  Ik was zó ontzettend kwaad.  Maar vanochtend … dan breekt er weer iets in mij.
Waarom?  Waarom wil hij het wéér nog eens proberen?  Waarom breekt er iets in mij?
Altijd dat waarom …





Kunstmatige coma

19 03 2009

Raar.  Zo voelt het.  Ik lijk wel verdoofd.  Verdoofd voor wellicht aanstormend verdriet, en verdoofd voor alles wat om me heen gebeurt.  Het lijkt wel of ik mezelf in een kunstmatige coma houd.  Waarschijnlijk puur uit zelfbescherming, want zo sterk ben ik nu ook weer niet.
Zo ook gisterenavond, als D. een poging doet zich uit te sloven, door de afwasmachine leeg te maken en door te douchen i.p.v. te baden na de training.  “Zo kan ik sneller mee in de zetel zitten”, zegt hij, “voor mij hoef je dat niet te doen” antwoord ik, “ik ben toch aan het lezen”.  Beste vriendin had weer eens haar kat gestuurd, as expected, dus had ik de avond alleen doorgebracht.  Beetje tv-kijkend, beetje gefacebooked, …  “Je was beter eens meegeweest” zegt D., in een poging een gesprek aan te knopen, “de cafetaria was open, en dan had je daar je boek kunnen lezen.”  “Hmmm…” antwoord ik.

Onze gesprekken beperken zich tot D. die aan me vraagt of die blauwe handdoek wel mee in de was mag met zijn fietskledij, waarop ik meestal “hmmm” antwoord.
Ik heb geen zin om een gesprek aan te knopen.  Eigenlijk heb ik hem niets te vertellen, en ook zijn dag of zijn bezigheden kunnen me op dit moment nauwelijks boeien.
In bed kruip ik niet tegen hem aan.  Ook al klaagt hij dat het koud is, en weet ik dat hij niets liever zou willen dan dat ik dicht tegen hem aan kruip.  Geen geknuffel, geen “ik zie je graagjes”, een slaapzoentje, dat kan hij krijgen.

Misschien is het harteloos van me.  En waarschijnlijk is dit geen manier om een relatie te ‘redden’ of ‘af te bouwen’, want soms denk ik echt dat hij kleine moeites doet.  En even lijk ik dan te dooien, maar al snel vlucht ik weer in mijn comateuze toestand.  Als hij me wil, zal hij met iets groters uit de hoek moeten komen dan ’snel even douchen, om dan sneller bij mij te kunnen zijn’.





LDVD – part 2

18 03 2009

Zondagavond, alweer een conversatie in bed. 
Chaoot: “Voor mij gaat dit zo niet meer, vind jij nou dat dit goed gaat?”
D.: “Ik vind het niet super, maar het gaat toch?”
Chaoot: “Voor mij niet.  Ik zie geen toekomst, we maken geen plannen, …  Jij wilt geen kinderen, ik wel.”
D.: “Nu kan je toch niet aan kinderen denken, het gaat niet zo super.  Trouwens, ik weet nog niet of ik kinderen wil.”
Chaoot: “We maken teveel ruzie, we kunnen amper iets verdragen van elkaar …”
D.: “Ik ga dat niet opgeven hoor …”
Chaoot (hoopvol): “Wat wil je niet opgeven?”
D.: “Ah, dat fietsen.  Ik doe dat graag enzo …”
Chaoot (een illusie rijker): “Dat heb ik je nog nooit gevraagd.”
D.: “Het probleem is, jij hebt geen hobbies.  Alleen tv-kijken en op de pc zitten.”
Chaoot: “Is dat de mijlpaal in onze relatie?  Mijn hobbies?”

Hobbies, is voor mensen met 1. teveel tijd of 2. een grote passie.  Ik heb wél hobbies, maar ik heb ook erg weinig tijd naast het poetsen, strijken, werken, koken (wat trouwens een hobby is.).
Is het dat nou?  Het feit of ik hobbies heb of niet?
Tijdens deze conversatie begon zijn ademhaling opeens te verzwaren, en hupla … hij sliep.  Dat is het dan hé.
Dus heb ik me maandag en gisteren echt superafstandelijk opgesteld.  Ik had het gewoon even gehad met heel dit gedoe …  Maar vanmorgen heb ik me weer laten vangen, toen hij stilletjes dichtbij kroop…  Stomme trut!
Vrijdag zijn we 2 jaar samen, ik heb bijna moeten smeken om iets samen te doen.  En uiteindelijk komt er toch niets van, want hij moet er zaterdag vroeg uit om te gaan fietsen.  Zondagochtend weer fietsen, en zondagmiddag gaat hij golven.
Vorig weekend, zaterdag eerst fietswinkel, dan fiets monteren, dan tv kijken (wielrennen natuurlijk) dan eten, dan slapen.  Zondag: fiets rijden, tv kijken …  En Chaoot?  Tja, die hengelt wel ergens rond.

Dus stelt hij voor om volgende week iets te gaan eten voor ons 2 jaar samen.  Ik zeg dat het voor mij niet hoeft, omdat het dan toch geen betekenis meer heeft.  SMS: “ok, dan niet.”
Waarom zouden we het eigenlijk ‘vieren’.  Wat valt er te vieren…?

Ook al schijnt het fantastische lentezonnetje … in mijn hoofd dreigen grijze, zware regenwolken.





LDVD

6 03 2009

Er is een tijd geweest dat ik mezelf kon bestempelen als een “zondagskind”.  Ik denk niet dat ik in “karma” geloof, maar toen leek het alsof alle goede dingen mijn kant werden opgestuurd.  Ik kreeg steeds the benefit of the doubt.  Misschien had het te maken met mijn positieve ingesteldheid.  De optimist die chaoot toen was, “het glas is halfvol en niet half leeg” remember?
Ik heb er toen te weinig bij stil gestaan, maar nu, nu doe ik dat des te meer.  Omdat het lijkt alsof dat geluk het laatste jaar helemaal gekeerd is.

2 jaar geleden leerde ik D. kennen.  “This is it” dacht Chaoot.  Die eerste maanden waren zalig.  Hij was alles wat ik in een man zocht.  Maar stilletjesaan (en veel te snel) kwamen de eerste barsten.  Barsten die we keer op keer hebben gelijmd.  Maar jammer genoeg, eens gebarsten … nooit meer stevig.  En ik vraag me af, hoe lang we nog zullen lijmen?
Wanneer geef  je iets op?  Of blijf je proberen?  Wanneer kan je nog in iets geloven?
Moet ik mijn hart volgen?  Of volg ik mijn verstand?
En wat als ik besluit het toch op te geven?  Hoe pijnlijk dat afscheid ook zal zijn.
Zal het dan beter worden?  Maar wat als ik spijt krijg?  Want een afscheid van D. is onomkeerbaar.

“Fouten zie je dik als de liefde dun is”, is één van de citaten die in het toilet hangen in het ouderlijk huis.  Hij ergert zich dood als ik nog eens een sigaretje durf roken, ik word woest als ik er nog maar aan denk dat hij nog contact heeft met die leugenachtige lellebel van een ex.  See what I mean?

Boos in bed gekropen.  Tranen opgedroogd.  10 x getwijfeld of ik om 23u toch nog niet even zou vertrekken naar wat vroeger mijn stamcaféetje was.  Onder de mensen zijn.  Vergeten.
Koppig bedenken “ik blijf aan mijn kant liggen”, tot die onweerstaanbare en oh zo hatelijke drang er weer is om tegen zijn warme lijf te kruipen.
Boos op mezelf vanmorgen, omdat ik toch weer zijn warmte heb opgezocht.  Terwijl er in wezen niets veranderd is tegen gisterenavond, de situatie blijft als het zwaard van Damocles boven onze hoofden hangen.  Hij vertrekt, geeft me twee zoenen, en zwaait naar me als hij voorbij het raam rijdt.

Ik wil een stabiele relatie.  Van dit soort toestanden word ik zelf labiel.
Ik ben minstens 5 kilo te zwaar: emo-eating.  Want hoe kan een zak chips toch troost bieden in tijden van LDVD.
Ik neig naar een lichte depressie.  Maak afspraken met vriendinnen, om ze dan daags op voorhand af te bellen.  Ik twijfel constant aan mezelf.  Mijn zelfvertrouwen en zelfrespect zit ver onder het vriespunt.
Ik wil een stabiele relatie.

Pffff ….





Tussen 2 vuren …

11 02 2009

We zijn ondertussen woensdag, en D. heeft nog steeds geen reactie gekregen op de sms die hij maandagochtend naar Broer en Mams heeft gestuurd.  De sms, met de melding dat hij niet aan sms-communicatie doet om half 4 ’s nachts en met de vraag of één van hen hem misschien eens wilde bellen, blijft onbeantwoord.

Ik begrijp zijn standpunt, als het ‘the other way round’ zou zijn, dan zou ik ook in mijn gat gebeten zijn.  Dus, de zondag-avond-etentjes worden langs onze kant geannuleerd.  En ook al stuurde Broer in zijn sms aan D. ‘mijn zus zie ik wel graag’, ik heb geen zin om hem te zien.  Als niet alles rond hem draait, dan zal hij er wel voor zorgen dat het rond hem draait.  En meneertje mag dan van thuis uit misschien wel zijn gangen gaan, dat wil niet zeggen dat ik daar mee akkoord moet gaan.  Ik ben trouwens de periode nog niet vergeten dat hij niet tegen mij wou spreken omdat ik van Platsmoel ging scheiden, en omdat hij daardoor ook niet mee op zomervakantie kon.  Ook het feit dat hij vond dat ik veel te snel iemand anders had, en dat dat volgens hem niet kon, ben ik nog steeds niet vergeten.

Misschien wordt het wel eens tijd dat Chaoot eens wat meer haar zinnetje gaat doordrijven.  Misschien heb ik nu eens zin om een tijdje niet tegen hem te spreken.  En misschien is dat wel heel kinderachtig, maar misschien kan me dat nu eens geen kl*ten schelen.
Verdomme!





Eeuwig nummer 2

9 02 2009

Wat is er erger dan de laatste zijn?  De eeuwige nummer 2 zijn.

Dat mocht ik weeral een keertje merken gisterenavond.  We hadden ‘as usual’ een etentje in het ouderlijk huis op zondag.  Meestal vertrekt Broer dan om 21u om met bus, tram, trein naar zijn kot te reizen in Brussel.  Maar vandaag had hij geen les, dus kon hij ook eens blijven ‘hangen’.  Nou …

Om een lang verhaal kort te maken.  Er ontstond een discussie over het feit dat D. het niet slecht vindt dat er een bekwaamheidstest voor ouders zou moeten bestaan.  Broer (ondertussen aan de koffie) werd razend, en bloedrood.  Hij schreeuwde dat wij kapitalisten waren, en dat we enkel aan geld dachten.  Waarop Chaoot natuurlijk de fijne reply plaatste dat dankzij dat geld, meneertje wel kon studeren in Brussel en een mooi kot had.  Daarna liep hij boos het huis uit.

Vannacht kreeg D. een sms van hem, dat hij het wel ok vond dat D. hem een looser en een profiteur vindt.  En dat hij tot 3:30 vannacht met mams had zitten praten.  Moraal van het verhaal: D. is de schuldige.

Moest ik vroeger eens gedaan hebben, op zondagavond met kleine oogjes en teveel promille in mijn bloed het huis betreden en dan nog wat amok maken…  Maar ik weet het al langer, Broer is nummer 1 en ik ben de eeuwige nummer 2.  Snirf.





Gematigd leven

18 01 2009

ge·ma·tigd bn, bw zonder uitersten; ingehouden

ma·ti·gen matigde, h gematigd 1 binnen de maat, binnen zekere perken houden; verminderen 2 zich ~ zich inhouden
“Zelfkennis is het begin van alle wijsheid”, zo is het toch?
Wel, het heeft dan misschien 27 jaar geduurd, maar vandaag drong het dan toch door.  Ik moet meer gematigd gaan leven.  En wel in alle aspecten die er zijn; relaties, voeding, liefdesgebied, werk, …
Als ik ervoor ga, voor wat dan ook, dan ken ik geen “maten” meer.   Bijvoorbeeld:
- In het frituur neem ik een super met bicky en mexicano, terwijl ik met een kleintje en een bicky eigenlijk ook van mijn “honger”verlost ben,
- In de relatie met D., ben ik meestal extreem wit en dan weer extreem zwart,
- Ga ik weer eens op dieet, dan honger ik mezelf zo uit dat ik 3 dagen later weer een vreetaanval krijg,
- 2 ijsjes in plaats van 1
-  7 martini’s, terwijl ik mezelf beloofd had om eens NIET zat naar huis te gaan…
Ik moet gewoon gematigder gaan leven.  Een gulden middenweg vinden in allerlei situaties.
Misschien word ik dan ook wel gelukkiger met mezelf.  Want dat is namelijk de enige relatie die ik niet kan stopzetten. :-/





De gevolgen van Miek Roob

16 01 2009

Verdict van meneer doktoor: “griep”  Oorzaak: Miek Roob die waarschijnlijk al honderden slachtoffers maakte.

Liggen, hangen, kruipen, … op de zetel.  In bad.  Niet beter, weer op de zetel liggen.  Haar kammen?  Pfff… geen energie voor.
Denken, dromen, piekeren, …

Teveel gedacht en gepiekerd.  Over dit.  Over mij.  Over wij.
Nee, ik ben de laatste tijd niet gelukkig met mezelf.  Ik weeg 5 kilo teveel.  En er zijn dagen dat ik geen zin heb om iets moois aan te doen.  Om mijn ogen te accentueren.
Ik zit een beetje vastgeroest in het patroon van een huisvrouw.  Huisvrouw, ik, Chaoot?  Fuifnummer eersteklas.  Fuiven, flirten, …
En nu?  Poetsen, strijken, opruimen, koken,… 

Weet je, ik doe het wel graag, dat huishoudelijke.  Maar ik krijg tegenwoordig zo weinig feed-back.  Als ik dan al eens iets wil aankaarten, dan krijg ik steevast de opmerking: “niet beginnen zagen hé”.  Tja …
Is de vlam uit de pan?  Is de passie weg?  Ik denk het.
Ik ben een vrouw, en wil me vrouw voelen.  Ik wil me gewild voelen.  Ik wil dat hij naar me kijkt en zin heeft in mij.
1 x per week, op zaterdagochtend.  Nee, dat voelt niet aan als “ik ben gewild”.  Als ik naast hem lig met mijn haren in de war, mijn slaapdronken kop, …  Daar kan hij toch niet opgewonden van geraken?

Et voilà, Miek Roob is net iets te lang gebleven.  Gisterenavond heb ik besloten om niet meer te hunkeren naar wat bevestiging.
Na een zoveelste afwijzing (ladies, jullie weten waarschijnlijk hoe het voelt om een “nee nu niet, een andere keer” te krijgen?), heeft Chaoot besloten om aan zichzelf te beginnen denken.  Ik ben niet tegen hem aangekropen in bed gisterenavond.  Omgekeerd ook niet, maar dat had ik ook niet verwacht.  Vanmorgen toen zijn wekker afliep, en zijn hand een stukje Chaoot zocht, ben ik liefjes aan mijn kant van het bed gebleven.
Waarom moet ik diegene zijn die steeds knuffels komt opzoeken?  Op de duur voel ik me gewoon een hopeloos geval!

Het is gedaan.  Over en uit.  Geen smsjes meer overdag.  Geen lieve mailtjes meer of zo’n melig halmark-kaartje met “I love you”.

Hij mag me godverdomme ook eens uit zichzelf laten weten dat hij me graag ziet.
En geen bullshit van: “dat weet je toch, dat moet je voelen dat ik je graag zie”.  Ewel, ik voel het NIET, en weten doe ik het nog veel minder.

Nem.