Verhelderend

26 10 2009

Een goed gesprek kan je niet plannen.  Er is een zekere sfeer voor nodig, en die creëert zichzelf meestal wanneer je het niet verwacht, maar eigenlijk wel het meest nodig hebt!

Zo ook gisterenavond, toen D. en ik na een heerlijke bloemkool-schotel, vergezeld met een glas wijn, in de zetel ploften.   Op de één of andere manier kwam het onderwerp ‘Chaoot’s irrationele angst(en)’ naar boven.  Meestal zegt D. dan iets super-rationeel, waardoor ik het gesprek afrond.  Maar deze keer was hij echt geïnteresseerd, en bracht het onderwerp meteen weer ter sprake als we afdwaalden.  Hij bleef rationeel, maar toch begrijpend en geïnteresseerd.  Zijn uiteenzetting heeft zoveel indruk op me nagelaten dat ik, nu ik eraan terug denk, nog steeds paf sta van dat gesprek.
Het heeft me zo’n deugd gedaan, te beseffen dat we eigenlijk wél een goeie match zijn.  Dit heb ik nooit eerder ervaren.  Als ik dan terugdenk aan de 6-jaar durende relatie met Platsmoel, dan besef ik dat ik daar jarenlang op een dood spoor heb gezeten.  Want zulke gesprekken, die zijn daar nooit gevoerd.  Jamais!

Dus, besluit deze Chaoot om met dit gesprek in gedachten, de dingen eens over een andere boeg te gooien.  Zijn woorden en zinnen hebben een lichtje doen branden in deze duisternis gevuld met angsten.

Wish me luck!





“De kracht van het nu”

19 10 2009

De kracht van het NuHet voordeel van een blog is, dat je na een poos je oude berichten nog eens kan nalezen.  Zo heb ik ook dit weekend mijn oude skynetblog nog eens geraadpleegd.  Het viel me op hoe mooi ik mijn verdriet en mijn zorgen kon verwoorden.  Zo las ik ergens dat D. en ik in den beginne zo verliefd waren dat we ‘mekaar konden opdrinken’.  Dat deed me wel iets.
Ik ben ook blij dat de impasse, waarin we lang hebben gevangen gezeten, uiteindelijk is voorbij gewaaid.  Dat we de ruzies en frustraties hebben kunnen schrappen uit ons script, en dat we nu op een andere manier met de dingen omgaan.

Verder ben ik gestopt met de psychotherapie.  Ik voelde me er niet goed bij.  Al dat geouwehoer over mijn angsten en na de sessie braaf 50 euro betalen waarvan je nooit nog een eurocent terugziet.  Dan kreeg ik een stapel papieren mee die ik moest lezen, en daarna moest ik de oefening maken.  Die oefening bespraken we dan in de volgende sessie, waarbij ik dan opnieuw de mooie ronde som van 50 euro liet liggen.  Niets voor Chaoot, zoveel is zeker.  Want, hoe meer aandacht ik schenk aan mijn angsten, hoe sterker ze aanwezig blijven.

Van een vriendin kreeg ik het boek “De kracht van het nu”.  Misschien is dat wat meer mijn dada.  Ik lees sowieso graag boeken, en misschien is ‘zelftherapie’ wel een optie?
Iemand het boek al gelezen?





Sikkeneurig

21 09 2009

sik·ke·neu·rig bn, bw ontevreden, chagrijnig

Vanmorgen ben ik opgestaan met een humeur van ver beneden het vriespunt.  En wie was de eerste die dat mocht ondervinden?  D. natuurlijk.  De arme stakker kreeg een boze blik en het verwijt dat hij gesnurkt had.  Hij reageerde niet zoals ik het wou (als er dan al een reactie was die ik zou goedkeuren op dat moment), en hopla … de toon was gezet voor een fantastische off-day in het leven van Chaoot.

De reden was niet zijn gesnurk, maar weer een akelige nachtmerrie.  Zo één waaruit je wakker wordt, en het volgende half uur nog angstig in bed blijft staren in het donker.  Alsof er zich daar iets zou verschuilen wat met die droom te maken heeft.  Ik werd letterlijk badend in het zweet wakker.
Tegenwoordig heb ik meer van die nachtmerries.  En nee, bij mij is dat niet normaal.  Normaal gezien droom ik lucide, wat betekent dat ik steeds besef dat ik aan het dromen ben, en de droom zo naar mijn hand kan zetten.  Bij achtervolgers verzin ik dan een grote struik waarachter ik me schuil kan houden, of beslis ik dat ik door muren kan lopen.  Jaja, ik ben (was) een ontzettend fantasierijke dromer.

Helaas, vanacht net voor 2 uur ben ik overvallen door 2 gure types, midden op straat, terwijl ik met m’n fiets naar huis liep.  Ze namen m’n handtas af, en trokken aan mijn armen en mijn jas.  Ze hadden een mes waarmee ze me bedreigden, en eisten dat ik geld naar hen zou overschrijven.  Ik was zo ontzettend bang, en zelfs nadat ik wakker werd, scheen ik mezelf niet te kunnen kalmeren.

Vandaar dat ik vanochtend ’sikkeneurig’ was.
En dat fantastische woord haalde ik uit de tekenfilm ‘Merlijn’, die een uil had die ook altijd ’sikkeneurig’ was.  Hilarisch.





Ouwe koeien

18 09 2009

Elke nacht droom ik over hem, over J.  Geen erotische dromen of dromen dat we terug samen zijn.  Gewooon dromen waar hij in aanwezig is.  Soms op de voorgrond, soms ook ergens op de achtergrond, maar ’s nachts zie ik hem, zoveel is zeker.

Eerst was ik bang, ik zou toch niet opeens, out of the blue opnieuw gevoelens gaan krijgen voor hem?  Het was zeker meer dan een jaar geleden dat we elkaar per toeval gezien hebben.  Je kan toch geen gevoelens krijgen voor iemand die je nauwelijks, zeg maar nooit, ziet?  Bij Chaoot kan alles natuurlijk, maar toch …  Net nu D. en ik closer zijn dan ooit tevoren.
Ik heb gepiekerd, en kwam dan maar tot het besluit dat dit gewoon gebeurt omdat ik eindelijk met mijn demonen uit het verleden aan het afrekenen ben.
Zo droom ik ook weer meer over Platsmoel, en dan vooral dromen met een geweldadig tintje of dromen dat we nog bij elkaar zijn, maar dat ik van hem af wil, en dat het niet lukt.  Een beetje zoals het echt is geweest.

Maar soit, terug naar J.  Vorige week heb ik hem gezien.  Het was jaarmarkt in mijn geboortedorp, en hij was daar ook.  Ik zag hem en … hij deed me niets.  Zijn vriendin was er ook bij, en ook dat deed me niets.  Al vind ik haar nog steeds een stijlloze puber.  Hij zag er goed uit, maar ik kreeg geen vlinders, geen kriebels, niets …  Ik keek naar D. die naast me stond, en was zo ontzettend fier op mijn mooie man.  Mijn vent.  Want dat kan je J. nou niet noemen, een vent.
Goed, dacht ik, die confrontatie hebben we dan weer gehad.  Maar, de dromen blijven.  Bizar …





Psychotherapie – deel 1

13 08 2009

“vertel me eens waarom je hier bent”
“dus je hebt zelf hulp gezocht”
“ik vermoed dat je je miskraam nooit hebt verwerkt”
“in je vorige relatie heb je veel meegemaakt, het was geen veilige relatie”
“je bent een rationele denker, die hebben een grote draagkracht, maar die is niet oneindig”
“je hebt lang op je adrenaline kunnen teren, maar na een tijdje ben je op”
“je vertoont toch al een groot vermijdingsgedrag”
“je hebt een latente vorm van agorafobie in combinatie met hyperventilatie”

Eindelijk … na al het gepieker, na al de angstaanvallen, meer gepieker, … iemand die me zegt dat ik het me niet inbeeld.  Dat er een naam voor bestaat.  “Agorafobie”, pleinvrees heet dat in de volksmond.  Als iemand meer wil weten, hier vind je meer info over agorafobie.

Wat gaan we doen?  Chaoot heeft huiswerk meegekregen, ik moet de angstaanvallen beschrijven en graderen.  Verder moet ik opnieuw beginnen met de sulpiride, een licht anti-depressivum, en mag ik in crisis-situaties een Temesta nemen.
Daarnaast zal ik samen met mijn therapeute aan cognitieve gedragstherapie doen.

Wordt vervolgd, zou ik dus zeggen.





F.R.I.E.N.D.S.

7 05 2009

Ik ben een ramp op het gebied van vriendschappen.  Punt.
Ik ben een luie vriendin.  Als iemand zich niet meer laat horen of zien, en dus uit mijn gezichtsveld verdwijnt, dan doe ik zelf ook geen moeite meer om af te spreken.
Zo heb ik al een aardig lijstje aan “beste vriendinnen” die dan na een tijd echt verdwijnen uit mijn leven.

Ik vraag me af of het aan mij ligt?  Misschien ben ik gewoon niet in staat om een deftige vriendschap te onderhouden.
Neem nu:

N. & I. : dat waren m’n maatjes toen ik nog met Platsmoel getrouwd was.  Zij wisten van mijn buitenechtelijke relatie met J. en zouden er oordeelden niet.  We gingen samen uit en hadden veel plezier.
Chaoot leert D. kennen, en op een rook en een wip, verdwijnen ze uit m’n leven.  Blijkbaar weegt het feit dat ik niet meer elke week op café ga, zwaar genoeg door om alles te laten doodbloeden.  Het laatste wat ik van hen hoorde was dat ze beiden nog steeds single zijn en regelmatig de bloemetjes buiten zetten.  Mijn moeder noemt ze cafévriendinnen.

D.: een ander schoolvoorbeeld van een beste vriendin.  Zij was indertijd ALLES voor me, en we deden ALLES samen.  Maar toen begon ik een relatie met Platsmoel, en zij en Platsmoel hadden een keertje gekust vroeger.  Ik denk dat ze jaloers werd, en daardoor stokken in de wielen begon te steken.  Verder waren er nog een aantal ‘randvriendinnen’ die haar tegen me opstookten.  Resultaat: ruzie.  Na 4 jaar krijg ik een mailtje: ze had mijn brief aan Flair gelezen i.v.m. de dood van één van onze kameraden van vroeger, en had ook gelezen dat ik zwanger was.  Ruzie opgelost, maar het is nooit weer wat geworden.  We hebben wel een aantal keer willen afspreken, maar steeds weerhield me er iets van haar opnieuw te zien…

En zo heb ik nog wel een aantal verhalen om aan m’n lijstje toe te voegen.

Ik raak ook zo snel uitgekeken op mensen.  Wat eigenlijk best vervelend is.  Zo hebben we T. hier op het werk, die echt haar uiterste best doet om m’n “friendintje” te worden, maar mijn gevoel zegt gewoon “nee”.  Vanmiddag heb ik dan ook weer gemerkt dat ze me zelfs al kopieert als het op lunch aan komt.  Zucht…

Misschien laat ik me teveel leiden door TV, maar er bestaan toch ook van die fantastische vriendinnen-verhalen.  Van vrouwen die way back gaan, vriendinnetjes van in de kleuterklas en nu nog steeds hartsvriendinnen voor elkaar …

Hechte, langdurende vriendschap?  Ik ben er niet voor in de wieg gelegd …





Leven onder een stolp …

23 04 2009

Leven onder een stolp … Is zowat de enige beschrijving die ik kan geven over mijn huidige situatie.  Want alles gaat goed, alles loopt vlot, ik ben rustig en kalm en …gelukkig.  En dat is het nu net …  Het lijkt alsof dit plaatje niet klopt.  Alsof ik hier niet in pas.  Alsof ze me ergens hebben uitgeknipt en dan in picture perfect hebben geplakt.

Met D. loopt alles vlotjes.  We lachen veel, we doen veel samen, we zijn knuffelie en hij voelt nu eindelijk aan als m’n soulmate.  We kibbelen niet meer, en hebben geen eindeloze discussies over belachelijke onbenulligheden.
Integendeel.  We zijn samen stilletjes op zoek naar een nestje van ons twee.  ’s Ochtends staan we samen in de keuken, en bereiden de lunch voor ’s middags en ontbijten dan gezellig samen.  “Jij ook koffie, schat?” – “Ja, lekker.”

En ik BEN gelukkig, begrijp me niet verkeerd, maar wat als ze die stolp straks weghalen?  Wat als ik straks moet stoppen met die pilletjes?  Dan moet ik het weer alleen aankunnen.  In de wereld vol paniekstoornissen en angstaanvallen.
Gaan we dan weer wel ruziën?
Misschien moet ik hier niet aan denken.
Ik neem die pillen nog geen week.
Gewoon genieten, en zien wat er op me af komt.
Niet denken aan de stolp en de boze buitenwereld.
Denken aan Chaoot en D. en genieten.





Sprankeltje

22 04 2009

Ongelofelijk, vanmorgen gaf de weegschaal 68,9 kg aan.  Ik ben vorige week woensdag begonnen met 71,2 kg aan een proteinedieet.  Gepaard met de medicatie die ik ben beginnen slikken, voelt dat echt reuzegoed aan.  Zelfs toen ik gisteren met mijn winkelkarretje bewust de chips-rayon insukkelde, ben ik erin geslaagd om zonder chips weer uit de rayon te sukkelen.  Ook al leek het alsof ze speciaal voor mij net hadden aangevuld. :-)

Ik voel me beter.  Ik voel me zekerder.  Ik ben zelfbewuster.
En volgens mij is het ook aangenamer vertoeven in mijn gezelschap.
Morgen bel ik naar de kine voor een eerste afspraak om te leren “ademhalen”.  Ik vraag me af wat we die 18 beurten gaan doen?
Een kine lijkt me zo’n ‘droog persoon’, helemaal anders dan een psycholoog ofzo.
Moet ik haar vertellen wat er in me omgaat?  Want ik weet niet of ik dat zou kunnen.  Ik heb het eigenlijk nog nooit helemaal tegen iemand verteld.  Waar moet ik trouwens beginnen?  Zelfs D. kent maar de halve waarheid.

Hoe moet ik aan iemand uitleggen dat ik opeens een sociale handicap heb gekregen?  Dat ik me plotseling onzeker ben beginnen voelen in allerhande situaties?  Dat ik ineens buikkrampen kan krijgen, die dan ook resulteren in diaree, of winderigheid, of whatever?
Dat ik, als D. iets onverwacht plant, binnen de 10 minuten op het toilet zit.  Dat ik amper met iemand durf meerijden met de schrik van het weer te krijgen.
Ik heb ooit eens ergens gelezen dat ik ook “collega-freaks” heb die dezelfde angst hebben, maar dan met kotsen.  Bizar hé?

Maar soit, ik voel me beter.  Ik pieker nu wel af en toe over het feit dat ik die pilletjes niet mijn ganse leven door zal mogen nemen.  En dat er dus een moment zal komen, waarop ik het alleen zal moeten kunnen. Scary …
Het idee dat ik aan de antidepressiva hang, daar moet ik nog wel even aan wennen.  Want ik heb mezelf nooit gezien als basketcase of fruitcake

Misschien kan die kine daar verduidelijking in brengen.  Want is dat niet belangrijk?  Het hoe en het waarom?  Om later dezelfde situatie te voorkomen?





Het waarom …

23 03 2009

Ik heb geen zin, noch inspiratie om veel te schrijven.

Het was een redelijk neutraal weekend, dat lichtjes overhelde naar de positieve kant.
Tot zondagavond.  Dan was het weer ‘prijs’.  Een Ruzie met de hoofdletter “R”.
Hoewel we vrijdag tijdens een etentje nog hadden gepraat over “ons”, en dat hij toen letterlijk zegde dat hij het bijzonder jammer zou vinden, als ik zou weggaan.
Gisteren brak de hel weer los.  Mijn gedrag enerveerde hem, en ik werkte op zijn systeem.  Daarom moest hij zonodig het huis verlaten, mijn sleutels meenemen, … roepen, schennen, vernederen, beledigen.  Hoewel ik tot op dit moment geen enkele oorzaak kan terugvinden in mijn gedrag.  Ik weet dat ik onhebbelijk kan zijn, maar gisterenavond was ik niet anders dan anders.
Vanmorgen vroeg opgestaan, na een nacht woelen, draaien en frustratie over zijn eeuwige gesnurk. 

Het komt erop neer dat we gepraat hebben, en dat hij ons uiteindelijk nog een kans wil geven.  Een kans op wat?  Als we zo blijven verder doen, staan we binnen enkele weken weer lijnrecht voor elkaar.  Gisterenavond deed hij mijn bloed koken.  Ik was zó ontzettend kwaad.  Maar vanochtend … dan breekt er weer iets in mij.
Waarom?  Waarom wil hij het wéér nog eens proberen?  Waarom breekt er iets in mij?
Altijd dat waarom …





Kunstmatige coma

19 03 2009

Raar.  Zo voelt het.  Ik lijk wel verdoofd.  Verdoofd voor wellicht aanstormend verdriet, en verdoofd voor alles wat om me heen gebeurt.  Het lijkt wel of ik mezelf in een kunstmatige coma houd.  Waarschijnlijk puur uit zelfbescherming, want zo sterk ben ik nu ook weer niet.
Zo ook gisterenavond, als D. een poging doet zich uit te sloven, door de afwasmachine leeg te maken en door te douchen i.p.v. te baden na de training.  “Zo kan ik sneller mee in de zetel zitten”, zegt hij, “voor mij hoef je dat niet te doen” antwoord ik, “ik ben toch aan het lezen”.  Beste vriendin had weer eens haar kat gestuurd, as expected, dus had ik de avond alleen doorgebracht.  Beetje tv-kijkend, beetje gefacebooked, …  “Je was beter eens meegeweest” zegt D., in een poging een gesprek aan te knopen, “de cafetaria was open, en dan had je daar je boek kunnen lezen.”  “Hmmm…” antwoord ik.

Onze gesprekken beperken zich tot D. die aan me vraagt of die blauwe handdoek wel mee in de was mag met zijn fietskledij, waarop ik meestal “hmmm” antwoord.
Ik heb geen zin om een gesprek aan te knopen.  Eigenlijk heb ik hem niets te vertellen, en ook zijn dag of zijn bezigheden kunnen me op dit moment nauwelijks boeien.
In bed kruip ik niet tegen hem aan.  Ook al klaagt hij dat het koud is, en weet ik dat hij niets liever zou willen dan dat ik dicht tegen hem aan kruip.  Geen geknuffel, geen “ik zie je graagjes”, een slaapzoentje, dat kan hij krijgen.

Misschien is het harteloos van me.  En waarschijnlijk is dit geen manier om een relatie te ‘redden’ of ‘af te bouwen’, want soms denk ik echt dat hij kleine moeites doet.  En even lijk ik dan te dooien, maar al snel vlucht ik weer in mijn comateuze toestand.  Als hij me wil, zal hij met iets groters uit de hoek moeten komen dan ’snel even douchen, om dan sneller bij mij te kunnen zijn’.