Maandag, op een verjaardagsfeestje van een vriendin van me, kom ik in contact met een jonge huisarts. Toevallig de huisarts van D., blijkbaar de schoonbroer van vriendin K.
Tussen pot en pint, valt het onderwerp “PDS” waarbij ik hem vertel wat ik zoal heb meegemaakt de afgelopen 5 jaar, en hoe mijn huisarts me telkens weer met een kluitje het riet in stuurt. “Je moet ermee leren leven.”
De jonge arts nodigde me uit om gisterenavond met D. mee op visite te komen. En raar maar waar, hij heeft al een volledige behandeling uitgekiend. 18 beurten kine, waarbij ik opnieuw zal leren ademen. Een afspraak bij de neuroloog voor een aantal tests. En een voorschrift voor “temesta” en “docsulpiri”.
Dat laatste wordt in hoge dosis gegeven aan mensen met schizofrenie en psychoses. Ik krijg een lage dosis, en het zal me meteen van mijn angsten en paniekaanvallen afhelpen. De temesta mag ik enkel innemen bij een “crisismoment”. Dit alles tot ik bij de kine het ademen onder de knie heb, en dus de aanvallen kan opvangen. Uiteindelijk blijkt het één of andere vorm van hyperventilatie.
Klinkt zwaar … en het moet eigenlijk allemaal nog wat bezinken.
Temesta is toch niet niks, dacht ik zo?
Ik heb mezelf nooit als een persoon gezien die angststoornissen en paniekaanvallen zou creëren. Tot voor een paar jaar was ik een persoontje dat héél stevig in haar schoenen stond. Dus begin ik op zoek te gaan naar mogelijke oorzaken van dit verval. En ik kan zo wel een aantal dingen opnoemen die mijn leven beïnvloed hebben.
Het miskraam in 2004. Ik was als (te) jong meisje zwanger van Platsmoel, en toen is het eigenlijk allemaal begonnen.
Ik zat op de tram naar mijn werk, en plots kreeg ik enorme buikkrampen. Ik heb daar met angstzweet op die tram gestaan, en ben uiteindelijk aan een wildvreemde halte afgestapt. Heb een collega gebeld, die me dan tegemoet is komen lopen, en éénmaal op het werk had ik echt enorme diarree. Dat was de eerste keer dat het gebeurde. Sindsdien ben ik beste vrienden met immodium, en weet ik zo ongeveer overal als eerste de toiletten te vinden.
Het miskraam was onafwendbaar. De gyneacoloog had me nog “duphaston” gegeven om het vruchtje toch nog te houden, maar ik voelde dat we het kwijt waren. Verwerkt heb ik het nooit gedaan, en ik kan me niet herinneren dat ik lang gerouwd heb. Ik was nog jong, en ik denk dat ik nooit besefd heb wat er eigenlijk met me gebeurde.
Het is even weggegaan toen ik D. leerde kennen, maar een dik half jaar na het begin van onze relatie, doken de problemen weer op.
Veel vroeger nog, een aantal jaren daarvoor, had ik absoluut nog geen last van m’n buik, maar heb ik ook een traumatische ervaring meegemaakt. Het was de eerste keer dat Platsmoel me mishandelde. Uren heeft hij me opgesloten in zijn kamer. De vriend, waar hij toen een appartement mee deelde, en zijn vriendin hebben nog geprobeerd om tussen te komen, maar zijn uiteindelijk met de moed der wanhoop vertrokken. Uiteindelijk eindigden we op de oprit bij mijn ouders, waar hij tranen met tuiten huilde, woorden vol spijt, en ik die daar zat met een bloedende lip, armen vol krassen en blauwe plekken, …
…